print

Kort geding bij conflict rondom uw recht op werk

De vraag of een non-actiefstelling of schorsing van een werknemer door de beugel kan, moet regelmatig beantwoord worden in een kort geding procedure.

Een werkgever kan op grond van verschillende omstandigheden besluiten om een werknemer op non-actief te stellen of te schorsen. Soms zal er een verdenking bestaan die nader onderzocht moet worden, denk aan een verdenking van diefstal, verduistering of andere onrechtmatige gedragingen. Maar het komt ook voor dat een werkgever een werknemer niet meer toelaat tot de werkvloer vanwege een verstoorde arbeidsrelatie.

In het algemeen zijn rechters van mening dat een werkgever een zwaarwegende reden moet hebben om over te kunnen gaan tot een non-actiefstelling of schorsing. Dit zal per geval door een rechter getoetst kunnen worden.

Voor een werknemer is het vaak niet verstandig om te berusten in een non-actiefstelling of schorsing. De werknemer zou daarmee de indruk kunnen wekken het wel eens te zijn met het feit dat hij niet meer tot de werkvloer wordt toegelaten. Bovendien wordt de kans op werkhervatting steeds kleiner naarmate een non-actiefstelling of schorsing voortduurt.

Een werknemer die met een dergelijke maatregel geconfronteerd wordt, kan overwegen om de rechter in kort geding te vragen de non-actiefstelling of schorsing ongedaan te maken.

Let op! Als u statutair-directeur bent, dan kunt u geen werkhervatting eisen. Volgens de wettelijke regels mag een statutair-directeur namelijk op elk moment geschorst (en ontslagen) worden door de aandeelhouders. Wel kan een schorsing ertoe leiden dat u recht heeft op een (aanvullende) schadevergoeding.

Als u zelf op non-actief gesteld bent en u wilt weten of het raadzaam is deze maatregel aan te vechten, kunt u vrijblijvend contact opnemen met een van onze arbeidsrechtspecialisten.

« Terug naar overzicht artikelen