Welke opzegtermijn geldt er voor een werknemer die wil opzeggen?
Een werknemer die zijn arbeidsovereenkomst wil opzeggen zal meestal een opzegtermijn van een (1) maand in acht moeten nemen. Dit is namelijk de wettelijke opzegtermijn voor een werknemer, ongeacht de lengte van het dienstverband.
Toch is het mogelijk dat een werknemer aan een langere opzegtermijn gebonden is. In een arbeidsovereenkomst of een eventuele CAO kan namelijk afgeweken zijn van deze wettelijke opzegtermijn.
Opzegtermijn in arbeidsovereenkomst
Er kan in de arbeidsovereenkomst een bepaling staan op grond waarvan de werknemer een langere opzegtermijn in acht moet nemen. Een dergelijke bepaling is alleen toegestaan als de werkgever tenminste de dubbele opzegtermijn ten opzichte van de werknemer in acht neemt. Bovendien mag de opzegtermijn van de werknemer nooit langer zijn dan zes maanden.
De volgende bepaling is dus toegestaan:
‘De opzegtermijn voor de werknemer bedraagt drie maanden. De opzegtermijn voor de werkgever bedraagt zes maanden.'
In dat geval zal de werknemer dus een opzegtermijn van drie maanden in acht moeten nemen.
De volgende bepaling is echter niet toegestaan:
‘De opzegtermijn voor de werkgever en de werknemer bedraagt drie maanden.'
Omdat deze bepaling niet is toegestaan, is de werknemer er niet aan gebonden. Voor deze werknemer geldt de gewone wettelijke opzegtermijn van een (1) maand.
Opzegtermijn in de CAO
Als er op de arbeidsovereenkomst een CAO van toepassing is, is het belangrijk om na te gaan of hierin iets geregeld is over opzegtermijnen. In de CAO kan namelijk ook worden afgeweken van de wettelijke opzegtermijn.